Zesdejaars bezoeken het Fort van Breendonk en het Museum voor Natuurwetenschappen

  • 7 februari 2020

Op donderdag 30 januari bezochten we met de zesdejaars het Fort van Breendonk. We werden in twee groepen gesplitst met elk een gids die ons onderdompelde in het Belgische oorlogsverleden. We leerden over de gruwelijke dingen die gebeurd zijn in het Fort van Breendonk. De gids vertelde ons over hoe het leven er aan toe ging, wie de grootste oorlogsmisdadigers waren, waar de gevangenen verbleven, welke arbeid ze moesten verrichten en over het weinige eten dat ze kregen. Er zijn nog heel wat zaken te zien die ons herinneren aan wat daar allemaal gebeurde: de bedden waarin de gevangenen moesten slapen, de folterkamer, de isoleercellen en zo veel meer. Het was een leerrijke ervaring die toch enige emotie losmaakte. Het is iets dat we niet snel zullen vergeten. Zeker de moeite waard om te bezoeken. (Mirte Moerman)

 

Het Fort van Breendonk werd gebouwd in het jaar 1906-1913. Het werd gebruikt als onderdeel van de verdedigingsgordel rond Antwerpen in de Eerste Wereldoorlog. Toen de nazi’s tijdens de Tweede Wereldoorlog ons land veroverden, gebruikten ze het als een opslag- en doorvoerkamp waar joden, gijzelaars en verzetslieden gevangen werden gehouden. Het was al snel duidelijk dat dit niet een plaats was waar men wou terechtkomen. Van voldoende voedsel en hygiëne was er geen sprake. Ze kregen maar één keer per dag eten en moesten de hele dag door heel zwaar werk verrichten. Hun ondergoed werd slechts één keer om de drie maand gewassen. De Duitse machthebbers amuseerden zich er te pletter. Ze vernederden elke gevangene op elk moment dat ze ook maar konden. De bevelhebber was Philipp Schmitt. Hij had een hond genaamd ‘Lump’. Die liet hij los wanneer hij en medebewakers zich wouden amuseren. Naast de afschuwelijke en onmenselijke levensomstandigheden hadden ze ook een folterkamer. Dit was de plaats waar je zeker niet wou terecht komen. Je brak zo goed als alles dat maar kon gebroken worden.

Het was een zeer leerrijke ervaring Dankzij een zeer goede gids: Mevrouw Van Tuerenhout.  (Emile Vynckier)

In de namiddag volgde een bezoek aan het museum voor Natuurwetenschappen te Brussel. Deze uitstap werd gepland in het kader van de lessen biologie en natuurwetenschappen. Tijdens deze excursie werd de lijn van de geziene theorie doorgetrokken in de praktijk. Na een bundel over de evolutie van de mens ingevuld te hebben, mochten we het hele museum exploreren. Het museum is opgedeeld in meerdere verdiepen waarbij je op een interactieve manier wat kan opsteken over elke tak van de natuurwetenschappen (mens, dier, geschiedenis...). Kortom: het museum biedt een brede waaier aan informatie. Dit niet-alledaagse museum is zeker een aanrader voor fervente wetenschappers zoals wij. (Brecht De Vriese en Arthur Wulleman)